Aankomst in Samoa
De tien dagen in Samoa waren echt geweldig, wat een prachtig en anders land. De vlucht vertrok op 29 juni om 7:20, en ik landde een dag eerder in Samoa, op 28 juni om 12 uur ‘s middags. Dit komt doordat het net aan de andere kant van de datumgrens ligt, het is er dus 23 uur vroeger dan in Nieuw Zeeland!
Het was meteen te merken dat dit vlak bij de evenaar ligt, de benauwde hitte viel als een deken op je neer zo gauw je het vliegtuig verliet. Heerlijk, want in NZ was het te koud geworden naar mijn zin. Tijdens de rit in de shuttle bus naar Apia, de hoofdstad, keek ik mijn ogen uit. Het is dichtbegroeid en erg groen, en kleurrijk door de vele tropische bloemen. Overal staan mooie fale’s in alle soorten en maten langs de weg, het zijn een soort open hutten waar mensen in wonen of samen komen. Af en toe zag je wel ‘normale’ huizen er tussen staan. En veel kerken ook, want iedereen in Samoa is gelovig. (Volgens schrijver Dolf de Vries kun je beter maar gelijk in zee springen als je het christendom niet aanhangt…
).
Hier en daar snuffelen varkentjes los rond en alles ziet er netjes verzorgd uit.
Genieten!
Samoa bestaat uit twee grote eilanden en twee kleintjes die daar tussenin liggen. Het heeft 177.000 inwoners waarvan de meesten op het eiland ‘Upolu wonen, waar ook Apia ligt.
Ik bleef een nacht in Apia in een hostel compleet in Samoaanse stijl. Helaas waren de fale’s daar volgeboekt en moest ik in een gewone kamer slapen. Goed en wel geinstalleerd ging ik meteen door Apia lopen. Het is vreemd om te realiseren dat het de hoofdstad van een land is, heel klein en nauwelijks hoogbouw. Vooral de dagelijkse flea market en de algemene markt waren geweldig om over rond te struinen, al die tropische groente en vruchten alleen al!
De volgende dag ging ik met Christine en Uwe (Duitsland) die ik inmiddels in het hostel had leren kennen met de lokale bus naar de werf waar de ferry naar het andere eiland, Savai’i, ging. De vorige dag regende het regelmatig, en helaas de tweede dag nog steeds. Aangekomen op Savai’i werden we meteen aangesproken door mensen van onze accommodatie. Met hun eigen bus reden we in een dik uur naar Tanu’s Beach Fale’s, waar ik de komende 8 dagen zou verblijven. Het waren prachtige kleine fale’s waar we in sliepen, en direct aan het prachtige witte strand en de knalblauwe zee! Echt fantastisch was het, dit had ik al zo lang eens willen meemaken. Ook ‘s nachts is het nog steeds lekker warm, dus het is ook niet nodig dat er muren in je onderkomen zitten. De fale kon wel dicht gemaakt worden door schotten naar beneden te laten die gemaakt zijn van palmbladeren. Hier was het door de zeewind trouwens lang niet zo heet en benauwd als in Apia, en bovendien waren ook de talrijke muggen hier afwezig.
Bij Tanu’s is het ontbijt en diner inbegrepen in de prijs, en dat was zo veel dat ik nauwelijks lunch nodig had. Ook omdat ik vrij weinig heb uitgevoerd op Savai’i, ik zat lekker bij mijn hut te lezen en te luieren, en het was ook prachtig snorkelen vlak voor de deur. En ik dronk melk uit een kokosnoot, maar niet met mijn billen bloot
. Toen het op zondag voor het eerst echt zonnig was was het helemaal perfect! De faciliteiten waren verder erg basic, twee toiletten en een dikke koude waterstraal uit een pijp was de douche. Er was etenswaar te koop in het kleine winkeltje, daar moest je gewoon pakken wat je nodig had en dat opschrijven in een boek.
Met Uwe en Christine en twee meiden uit Australië, Helen en Cat, hebben we nog een beetje over het eiland gereden in een huurauto, en onder andere met schildpadden gezwommen, heel bijzonder!
Er is er één…
Op 7 juli was ik jarig (bedankt voor de sms’jes en e-mails!) maar ik heb het lekker aan niemand verteld. Ik zat steeds weer met andere mensen bij Tanu Beach en kende niemand echt goed genoeg. Het was wat dat betreft jammer dat Christine, Uwe, Helen en Cat er niet meer waren. Maar toen ik op 7 juli terug kwam in Apia kwam ik een paar bekenden tegen en uiteindelijk gingen we met z’n vijven naar de film Madagascar, in een overigens erg moderne bioscoop. Dat was erg leuk, en ik vond het wel geinig om stiekem jarig te zijn. En om 30 te worden in Samoa…!
En weer terug naar Auckland
Mijn vlucht naar Auckland ging om 4 uur ‘s nachts. Een Amerikaanse jongen en ik hadden de shuttle bus besteld, maar we kregen te maken met de fa’a Samoa, the Samoan way; hij kwam niet opdagen. Gelukkig konden we de enige(!) taxi die die nacht dienst had bestellen en kwamen we toch nog op tijd op het vliegveld…
Omdat ik erg veel foto’s heb en het verder moeilijk is om te beschrijven hoe Samoa is, heb ik hieronder een aantal foto’s gezet met commentaar eronder. En dan nog heb ik het idee dat ik nog veel meer zou moeten vertellen over hoe bijzonder ik Samoa vind, maar dan kan ik beter een reisgids gaan schrijven!


Op mijn eerste avond in Apia ging ik gelijk met meiden die in hetzelfde hostel zaten naar een fiafia avond, een (vuur-)dansvoorstelling. Vooral voor toeristen bedoeld, maar voor het vuurdansen worden echt nationale en internationale wedstrijden gehouden. De muziek waarop de vrouwen dansen is erg aanstekelijk en vrolijk. De mannen voeren krijgsdansen op begeleid door drums, dat is prachtig om te zien.

In de supermarkten kan je de meest uiteenlopende dingen kopen, van voedsel tot meubels en kleren, en dus ook stoffen. Lavalava’s (sarongs) worden door mannen en vrouwen gedragen, in alle kleuren en motieven.

Dit is fiafia bij Tanu Beach. Het is een goed voorbeeld van de tattoo’s die bijna alle mannen op hun bovenbenen hebben. Het wordt gedaan als teken dat een jongen een man geworden is. Het neemt zo’n twee weken tot een maand in beslag en is erg pijnlijk; als de tattoo af is is dat dan ook het bewijs dat de man in kwestie elke moeilijkheid in zijn leven kan overwinnen.

Deze jongens waren pas 10 jaar oud, veelbelovende vuurdansers!


Het prachtige strand van Tanu Beach!

En ik uiterst tevreden bij onze eigen fale.

Gezamenlijk aan tafel voor het diner. Het bestond meestal uit worstjes of gefrituurd vlees of vis, taro (een wortelgroente), palisami (gekookt taro blad), rijst, kale pasta en groenten. Tamelijk eenvoudig maar typsich Samoaans. Bij het ontbijt kregen we altijd toast en jam, en ook een stuk papaya, banaantjes, stukjes kokosnoot, ananas en sinaasappel. Erg lekker!

Mannen drinken ‘ava op de markt bij de werf op Savai’i. ‘Ava (of kava zoals het in de rest van de Pacific genoemd wordt) is een drank die wordt gemaakt van de wortel van de peperplant en wordt al ruim 3000 jaar gedronken vanwege de prettige bijwerkingen. Het is kalmerend, spierverslappend en licht hallucinerend. ‘Ava ceremonies zitten diep geworteld in de Samoaanse cultuur. Alle bijeenkomsten van dorpshoofden en de regering worden vooraf gegaan door een ‘ava ceremonie
. Maar het is dus ook een sociaal gebeuren voor de gewone man. En ik heb netjes gevraagd of ik deze foto mocht maken!



Wat foto’s van het openbaar vervoer, de bussen. Ze zijn een lust voor het oog, geschilderd in bonte kleuren en ook van binnen worden ze versierd. Het is op zich een belevenis om met de bus te gaan, er schalt harde Samoaanse popmuziek uit de grote speakers, en mensen gaan op elkaars schoot zitten als het erg druk wordt in de bus. Dit gebeurt zonder dat er een woord gezegd wordt, dus voor een buitenstaander als ik is het onmogelijk te weten of deze mensen elkaar nu kennen of niet. Als je erin wil wacht je ergens langs de weg en steek je je hand op en als je er uit wil sla je hard op het raam. Ze rijden op Samoan time; het is nooit zeker hoe laat precies en als er niet genoeg mensen in de bus zitten vanaf het startpunt in Apia (de markt) kan de bestuurder ook besluiten om helemaal niet te gaan!



Nog drie foto’s van het paradijselijke Tanu Beach. De meest rechtse van de fales hierboven is die van Uwe, Christine en mij, later had ik ‘m voor mij alleen.

Een typisch beeld van wat je ziet als je met de bus over het eiland rijdt. Stellages als deze staan overal, het afval wordt er op verzameld.

Kinderen van de Tanu familie op het strand.

En last but not least: een schitterende zonsondergang op Tanu Beach!
All Blacks – Lions
Na vanwege de nachtelijke vlucht nauwelijks geslapen te hebben in de nacht van 7 op 9 juli (8 juli sloegen we over vanwege het tijdsverschil), was het op 9 juli ‘s avonds zover: De All Blacks, het rugbyteam van NZ, speelde de derde en laatste wedstrijd tegen de Lions (Groot Brittanië en Ierland). De Lions hebben een grote tour gemaakt door heel NZ, maar de drie wedstrijden tegen de All Blacks was waar het eigenlijk om ging. De Lions maken elke 4 jaar een tour, maar slechts om de 12 jaar in NZ. Australië en Zuid Afrika zijn de andere landen waar ze rond touren. Het is dus een enorme happening hier in NZ, zeker omdat rugby veruit sport nummer 1 is. Met Brendan en vrienden van hem gingen we naar de Barmy Army Headquarters, het hoofdkwartier van de Lions supporters. Het is een commercieel iets, opgezet in de haven in loodsen die gebouwd zijn voor de zeilwedstrijd America’s Cup, maar het is tekenend dat ook heel veel All Blacks supporters daarheen gaan om de wedstrijd op grote schermen te zien. Het is heel tweeledig, aan de ene kant is het enorm belangrijk wie er wint, je kunt het vergelijken met hele belangrijke voetbalwedstrijden van het Nederlands team. Maar aan de andere kant gaat iedereen heel vriendelijk met elkaar om, er is totaal geen aggressie of vandalisme. Het was dus een erg gezellige avond, maar super vermoeiend vanwege mijn slaapgebrek. De All Blacks wonnen dik, net als in de vorige twee wedstrijden!! Rugby, ik vind het een geweldige sport.
Naar huis…
En nu is het dan bijna zover, na een reis van negen maanden ga ik weer terug naar Nederland. Het zit er op. Ik heb een geweldige tijd gehad, maar zie er naar uit weer thuis te zijn. Het is best lang, negen maanden! En ik weet zeker dat ik Nieuw Zeeland, dat prachtige, ruime land met zoveel lieve mensen best zal missen…